Home / Groep 5 / Taal / Zinnen
 
Welk woord hoort in welke zin?
   
0
0
 

   
 
bouwen
negen
hoofdband
 
 
 
Rene draagt een .
 
Hanna had een voor haar toets.
 
De kinderen een toren.
Wil je je scores bijhouden en stickers verdienen? Maak dan een leerling account aan.